Zijn vrouw was hoogzwanger van hun tweede zoon toen Erik Paalvast in het ziekenhuis lag, wachtend op zijn levertransplantatie. Inmiddels is hij 62 en nog steeds fit. Eind juni ‘strijdt’ hij tegen andere sporters met een donororgaan in de European Transplant Games. ‘We applaudisseren minutenlang voor alle donoren die ons hebben gered.’
„Doordat ik altijd op amateurniveau voetbalde bij een club en verder met alle sporten meedeed die op mijn pad kwamen, had ik niet door dat het zo slecht met mij ging. Dat artsen zagen aan metingen”, begint de enthousiaste sporter, lid van de Papendrechtse en Sliedrechtse atletiekvereniging AV Passaat, serieus. „Ik heb de aangeboren aandoening PSC (Primaire Scleroserende Cholangitis, red.) waardoor ik een chronische ontsteking aan de galwegen heb.”
Levertransplantatie in 1995
In 1995 werd Paalvasts eigen lever zo slecht dat hij een transplantatie nodig had. „In die tijd wachtte je gemiddeld drie maanden op een gezonde lever van iemand die was overleden, die daarvoor zelf bewust toestemming had gegeven én dat familieleden daar ook mee akkoord gingen. Doordat mijn bloedgroep B+ in zoverre uniek was, moest ik nog een maand extra wachten. Dat leek voor Paalvast geen probleem. Hij voelde zich goed, kon nog enigszins sporten en zijn voltijdbaan als ICT’er uitvoeren. „Artsen vertelden later dat ik er een maand later waarschijnlijk niet meer geweest zou zijn.”
Dankbaar voor donorlever
Waar nu, via een bemiddelende organisatie, getransplanteerden een brief naar hun donor en/of die familie kunnen schrijven om hun dankbaarheid te uiten, was dat toen absoluut niet aan de orde. „Daardoor heb ik daar toen nooit aan gedacht. Met de kennis van nu had ik dat graag gewild, want ik ben zo dankbaar dat deze persoon bij leven aan mij heeft gedacht,” vertelt Paalvast met een brok in zijn keel. Al werd hij in het ziekenhuisbed ook beziggehouden door zijn familie. „Mijn vrouw zat hoogzwanger van onze tweede zoon naast mij. Ik wilde er zoveel mogelijk voor haar en later onze drie kinderen zijn.”
Sporten na transplantatie
Tegelijk krijgt de Papendrechter in die tijd te horen dat er een nieuwe sportwedstrijd zou komen, voor mensen die een transplantatie hebben ondergaan. „Als recreatief sporter in hart en nieren, leek mij het meteen leuk om daaraan mee te doen. Tegelijk was ik in mijn revalidatie nog niet zover.” Jaren later, in 2019, maakte Paalvast dan toch zijn debuut in het Engelse Newcastle op de World Transplant Games, de Wereld Spelen voor mensen met een transplantatie. „Daar merkte ik meteen hoe bijzonder dit toernooi is. Bij andere wedstrijden, waar ik in de middenmoot kan eindigen, merk ik hier dat de meeste deelnemers het beste uit zichzelf willen halen.’’ Tussen 21 en 27 juni doet de 62-jarige mee met de European Transplant Games in Arnhem. Op dit Europees Kampioenschap voor mensen die in de breedste zin van het woord te maken hebben met transplantatie of donatie start de 62-jarige Papendrechter op de discipline atletiek.
„Hier gaat het niet om prestaties, wij mogen samen weer een wedstrijd doen en dankbaarheid uiten.” Dat is elk moment op het toernooi te voelen. „Je hebt lotgenoten om je heen, families waarvan hun geliefde na overlijden een orgaan heeft gedoneerd en mensen die dat bij leven konden doen. Het is een mooie, grote bijeenkomst.”
Sporters met donororgaan
Paalvast geeft aan dat deelnemers in klassen worden ingedeeld waarbij het gaat om of zij een donororgaan hebben of donor zijn, plus leeftijd en geslacht. „Natuurlijk is de ene aandoening de andere niet, maar ik zie in de uitslagen geen significant verschil in de invloed van die aandoening. Het is mogelijk ook niet te meten, want trainingsarbeid, hoe ver je in je revalidatie bent en wanneer je geholpen bent, spelen bijvoorbeeld ook een rol.” Hoewel ‘jezelf willen verbeteren, medailles winnen en sporten altijd leuk zijn’ ziet de atleet om zich heen dat dat bij iedereen niet de hoofdmoot is. „Je wordt daar niet beoordeeld op je ziekte, maar we vieren dat we er samen nog zijn, dat we voor onze donoren fit proberen te blijven en dat we onze dankbaarheid naar hen uiten.”
Applaus voor alle donoren
Dat gebeurt zichtbaar aan het einde in een kring die deelnemers maken. „Minutenlang volgt dan een applaus voor alle donoren die ons hebben gered. Meerdere wereldtitels in het hoogspringen winnen vond ik mooi, maar dit terugkerende moment was, is en blijft onuitwisbaar.”